“Wat wil je leren?” vroeg ik gister aan iemand van wie ik weet dat hij een hekel heeft aan ‘goede voornemens’. Direct had hij een hele lijst met dingen waar hij dit jaar aandacht aan wilde besteden. We waren allebei verrast dat deze simpele vraag zo verhelderend werkte.

Natuurlijk kwam ook de wedervraag: wat wil jij leren, Lisette?

Ik wil leren om boeiende en beklijvende workshops en lezingen te geven over de 5 kindconclusies. Ik wil leren hoe ik een volgend boek nog pakkender kan schrijven. En ik wil leren hoe ik in de Prior Unity Academy met mijn collega’s een proces van verdieping zo kan leiden dat we uiteen gaan met verankerde en werkbare beelden van leven in eenheid.

Nu ik dit opschrijf, voel ik het verschil. Aan goede voornemens zit altijd een soort ‘moeten’ verbonden waar direct een rebelsheid bij loskomt. Zo kan ik me voornemen om vrienden wat vaker iets van me te laten horen. Dat is op zich een goed idee, maar ik hoor ook meteen een stemmetje in me dat er tegenin gaat: “Nou ja, als je daar zin in hebt.”

Zo is er een voor en een tegen en het gevaar bestaat dat ik daarmee per saldo niet van mijn plek kom. Een stap vooruit en een stap achteruit. Welles, nietes – alles in het platte vlak.

Als ik denk aan wat ik wil leren, wordt er naar mijn beleving een verticale beweging ingezet die voelt als een verlangen dat vervolgens door mijn hele lichaam tinkelt. En ja, er komt ook onzekerheid op. Zal ik dat wel kunnen?

Het mooie is dat ik nooit zal weten of ik het kan tot ik het probeer.

Zo voelt het ongeveer

Leren is jezelf ontginnen. Jezelf gunnen om te kijken wie je bent als je ook de nog onontgonnen gebieden betreedt. Het is onnoemelijk spannend. Het is 2012.

 

*